IMG_4040 (1).jpeg

Sien

 

 

 

 

 

 

Ik ben 84 jaar en diabeet, da’s dus twee keer een risicogroep.

Op vrijdag kwamen ze mij testen, ik voelde me helemaal niet ziek. En zondagmorgen kwamen ze zeggen “Sien, je bent erbij.”

Ik moest dan wat gerief bijeen zoeken en in zakken steken en dan naar de cafetaria. Dat was omgebouwd. Op twee dagen tijd is er van de cafetaria een cohorte gemaakt. We hadden daar een slaapkamer en een zitkamer. We waren met negen.

Ik moet zeggen, die meisjes die ons verzorgden, waren gekleed dat het zweet van hun lichaam liep. Maar dat waren engelen.

Ik moest daar 14 dagen blijven. Maar dat is daar 14 dagen aangenamer geweest als hier op de kamer. Hier op de kamer zat ik al 14 dagen binnen, we mochten niet buiten, we zagen niemand. En ginder was er een grote ruimte, onze familie kwam daar aan het venster en met de telefoon binnen en buiten konden we met elkaar praten.

 

Ik heb mijn familie niet gezien in die vier maanden. Wij corresponderen met de vuile was, de vuile was komen ze halen, de propere was brengen ze mee. En als ik dan iets heb om te betalen, dan steek ik dat daar allemaal in en dan zeg ik aan de telefoon kijk in de was he! Dat je het niet in de machine steekt!

 

Ik ben ook iemand die altijd naar activiteiten gaat, heel sociaal is.

En nu? Nu lees ik, los ik kruiswoordraadsels op en als we mogen gaan wandelen, ga ik wandelen.

Maar je zit hier te zitten, de hele dag. Te zitten.

 

Eens we buiten mochten, hebben we toch wat ontspanning gehad. Er is iemand komen zingen, een keer turnen op de stoel, stoelturnen. Dan zit er iemand op de trap en wij doen allemaal mee.

Een uurtje maar, maar je voelt je anders, je voelt je terug mens worden.

 

Nu ben ik gelukkig dat mijn zoon kan komen. Nu valt er alweer een heleboel van mijn hart.

De grenzen zijn open en wij zitten hier al vier maanden in dit gebouw. Wij hebben nog niet eens de kasseistenen onder ons voeten gevoeld.